Circulaire economie

Circulair verpakken: nodig én haalbaar

We kunnen steeds meer en steeds beter recyclen. Dus al die plastic verpakkingen om voedingsmiddelen zijn geen probleem. Toch? Niet dus. Juist de innovaties in plastics staan het recyclingproces in de weg. Het klinkt tegenstrijdig: we weten en kunnen steeds meer, de innovaties buitelen over elkaar heen en toch belandt te veel verpakkingsmateriaal uit de levensmiddelenindustrie bij het restafval. Want verpakkingen zijn dan wel een hot topic tegenwoordig, de scope ligt verkeerd.

suez vincent mooij profielfoto Geen focus op gewicht maar op circulariteit
De afgelopen 10 jaar was er veel aandacht voor het reduceren van het gewicht van verpakkingen van levensmiddelen. Tegelijkertijd moest de houdbaarheid van het product gegarandeerd blijven. En dus kwam er een laagje om lucht te weren, een laagje om licht te weren, enzovoorts. Het gevolg? Meerdere hele dunne lagen plastic op elkaar geplakt, die vrijwel onmogelijk zijn om te recyclen. En dat is precies wat we niet willen. We moeten daarom niet alleen focussen op gewichtsreductie, maar op een combinatie van recyclebaarheid én behoud van producteigenschappen. Een circulaire verpakking begint bij het ontwerp. Zo is het mogelijk om een verpakking te maken die het product beschermt én volledig circulair is.

Theorie versus praktijk
Een circulaire verpakking is goed doordacht, mét kennis van zaken. Want al die verpakkingen waar het proces nu op vastloopt (veel zwarte kunststoffen, te grote wikkels om frisdrankflessen en die meerlaagse verpakkingen bijvoorbeeld), zijn geen voorbeelden van onwil, maar vaak vooral van onwetendheid. Theoretisch kan alles in een laboratorium tot moleculen teruggebracht worden en daarna een tweede leven krijgen. Maar dat staat los van wat er in de praktijk met een verpakking gebeurt. Wij hebben een schat aan operationele informatie over de verwerking van de verschillende soorten plastics. Zo zijn er vele prachtige voorbeelden van kunststoffen die een nieuw leven krijgen als gieter, kinderwagen of als shampoofles. 

De drie P’s
Bij het ontwerpen van verpakkingen hebben we te maken met de drie p’s: protect, preserve en promote. Logisch, een verpakking moet doen waar het voor bedoeld is. Maar ook dat kan duurzaam. Om dit te stimuleren, helpen overheidsmaatregelen. Verpakkende bedrijven betalen een bijdrage voor de verpakkingen die zij op de markt zetten. Sinds januari is deze bijdrage deels afhankelijk van de recyclebaarheid van verpakkingen. Een hele goede stap, maar wat mij betreft niet genoeg. Ik zie bijvoorbeeld ook graag een korting op de producentenbijdrage als de verpakking voor minimaal 30% uit gerecycled materiaal bestaat. Zo kan de overheid duurzame keuzes stimuleren.

Keep it simple

Ik ben groot voorstander van standaardoplossingen. Geen ingewikkelde composietmaterialen, maar mono-materiaal van de veel voorkomende plastics. Deze zijn namelijk uitstekend te recyclen. Ook is het de moeite waard om keuzes te heroverwegen. Zo worden veel producten verpakt met een sterk opgerekte houdbaarheid. Maar is dat altijd nodig? Beperkter gebruik van kunststof verkort misschien de houdbaarheid, maar dat hoeft niet dramatisch te zijn. Wie bewaart een stuk vacuümverpakte kaas tenslotte echt gedurende de gehele ‘technische’ houdbaarheid? Het is belangrijk dat partijen, van producent tot recyclingbedrijf, samen aan oplossingen werken. De producent weet tenslotte wat voor hem belangrijke vereisten zijn en als verwerker kunnen wij exact aangeven wat wel en niet werkt. Zo komen we samen tot een écht duurzame én gecertificeerde verpakking.

Eind deze maand mag ik op de European Food & Beverage Plastic Packaging Summit in Rotterdam spreken over dit onderwerp. Benieuwd? Kijk dan op: www.wplgroup.com/aci/event/sustainable-packaging-conference-europe/."


Vincent Mooij
Manager SUEZ.circpack®